-
Een kamer met een deur die sluit. Een kamer die geen slaapkamer is waar verder niemand komt. En waar de dingen overzichtelijk zijn en helder in zichzelf. In de kleine kamer met de deur die sluit staat het oude bureautje met een uitsparing in het blad, een gleuf om pennen in te leggen en aan
-
Dat je met een schok ontwaakt door een fel wit licht dat naar binnen schijnt als een witte priem die zich in een onbewuste toestand boort. Tevoorschijn komen uit een onrustige droom, het begint vaak met een droom. In een ruimte te zijn die je niet kent. Is het een winkel? Verkopen ze spullen? Zijn
-
Een caravan op een landje waar niemand is – daar droomt ze van. Een landje, een uitzicht, en dat het zonlicht in gouden banen door de bomen schijnt, eikels vallen op het pad, de ganzen vliegen over. En als ze daar buiten zit in de avond, een veld dat bezaaid is met vrouwenmantel, het sterke
-
Was het zo dat in de zomer de lange rit naar het zuiden ging, vertrokken voor de hitte kwam, in het uur van de wolf. Een witte auto zonder airco, raampjes die in de middag geopend werden. Dan waaide de warme lucht naar binnen, dan stak een zongebruinde arm naar buiten met een Caballero in
-
Op maandagmiddag naar de film gaan – dat helpt iets. Je te onttrekken aan het alledaagse, op te gaan in een andere wereld, en hoe die is vormgegeven, hoe worden die verhalen verteld. De beelden, hoe de randen vervagen, de muziek, je denkt Philip Glass en zijn naam glijdt op de aftiteling voorbij. Het gezin
-
De rommeligheid in huis – je kunt het haast niet verdragen. Het lijkt alsof de troep van anderen je als een monster bespringt, vanbinnen schiet het van links naar rechts, het put je uit. Elke ochtend zwemmen dat is iets; de daadkracht van de vroege ochtend houdt je op de been. Maar zodra je thuiskomt
-
Als je om half zeven ’s ochtends naar het water loopt. Hoe dan de lange schaduw, als de zon nog laag en je van achteren beschenen wordt en traag lijkt te bewegen, de contouren zijn nog niet scherp. Je probeert dat wel, scherpstellen, heel precies kijken, de lijn duidelijk te zien, maar het lukt niet,
-
En dat het nu niet over schaamte ging, maar begon met een gordijn. Je had het op straat gevonden, de felgekleurde stof uit een container gevist. Je houdt daarvan, in containers gluren, de mooiste schatten vind je als je goed kijkt. De linnen stof was nog helemaal intact en amper verkleurd. Op een ondergrond van
-
Op maandagochtend verstrikt raken in het web van praktische zaken, dan lekt de daadkracht weg. Diagonaal op het gebloemde dekbed gaan liggen met alleen een onderbroek aan en een oud hemdje zonder beha, verder lezen in Miranda July – op zo’n moment zit er niets anders op. De naamloze hoofdpersoon in haar nieuwe roman* is
-
Klaarzitten met thee – die neiging heb je nog steeds, al gaan ze inmiddels naar de middelbare school. Bij thuiskomst direct naar boven lopen met hun laptop, dat is wat ze nu doen. De thee die klaarstond op het blad koelt af, de appel wordt bruin. Ze zijn je vooruit gesneld, je houdt het niet